Acta fabula est
Blog 108, Acta fabula est
Het verhaal is ten eindeOp straat kom je soms dingen tegen die een sterke emotie oproepen. Vanuit het niets komen herinneringen op die zo sterk zijn dat je je omhuld voelt door het verleden. Dat overkwam me gisteren bij de brievenbus van het verzorgingshuis in de buurt.
Ik wandel op de oprijlaan naar het zorgcentrum bij ons in de buurt. Daar staat nog een brievenbus, want veel van de mensen die daar wonen, doen hun zaken nog per post. Er komt een zwart bestelbusje stapvoets aanrijden. Ervoor loopt een meneer in een grijs kostuum met een ernstig gezicht. De chauffeur van het busje is ondertussen met zijn telefoon bezig.
In eerste instantie ben ik alleen maar verwonderd over het feit dat de nette meneer de bus in de weg blijft lopen, maar dan dringt het tot me door dat dit een soort van begrafenisstoet is. Ik loop door naar de brievenbus bij de ingang van het verpleeghuis en merk op dat er geen mens te zien is. Een groot gevoel van treurigheid valt over me heen. Kennelijk houdt deze begrafenisondernemer zich aan de oude traditie dat de laatste woonplaats van de overledene stapvoets wordt verlaten tot de wagen uit het zicht is. Uit het zicht van wie, vraag ik me af. Het schrille contrast tussen de respectvolle man voor het busje en de chauffeur die met zijn telefoon bezig is, de afwezigheid van medebewoners, - ik zie zelfs geen personeel -, vullen de atmosfeer met eenzaamheid.
Het beeld van de stoet bij mijn grootmoeder doemt op. Mijn oma was een diepgelovige, protestantse vrouw met een groot zondebesef. Zij bracht haar laatste jaren door in een verzorgingshuis waarvan de geestelijke raadsman voor haar doen veel te mild was. Zij had behoefte aan iemand uit de bijbelbelt, die haar één keer per week geselde met haar jeugdzonden. Dat louterde haar, aan troostende woorden had ze geen behoefte. Bij haar overlijden stond de kist, bedekt met een zwart kleed, geen bloemen, in de kleine aula van het bejaardenhuis. Naast de familie waren er een paar medebewoners aanwezig, uitsluitend vrouwen, geschatte gemiddelde leeftijd 85 jaar. De dominee preekte over schuld en boetedoening, over de wil van God en er werden psalmen gezongen. Natuurlijk psalm 42:
't Hijgend hert, der jacht ontkomen,
Schreeuwt niet sterker naar 't genot
Van de frisse waterstromen,
Dan mijn ziel verlangt naar God.
Ja, mijn ziel dorst naar den HEER;
God des levens, ach, wanneer
Zal ik naad'ren voor Uw ogen,
In Uw huis Uw naam verhogen?
Stel je eens voor. Je zit in een zaaltje, waar dit lied wordt gezongen door 10 krakende, gebroken stemmen, zonder enige kracht, waardoor het Hijgend Hert fluisterend en aarzelend voorbij komt. Het was een indringende, ontroerende ervaring.
Ook mijn oma werd stapvoets naar haar laatste rustplaats gereden. In dit geval met 6 dragers in zwarte pakken plechtig voor de begrafenisstoet. Pas om de hoek stapten ze in. Gelukkig stonden er 10 oude besjes (met alle respect) haar uit te zwaaien.

Reacties
Een reactie posten